Ga naar inhoud

Voeding bij zomereczeem: gras, suiker, kruiden en supplementen

Zomereczeem ontstaat door een allergische reactie op knuttenbeten. Er bestaat geen overtuigend bewijs dat één voedingsmiddel bij alle paarden de primaire oorzaak is. Voeding blijft wel belangrijk voor de algemene gezondheid, lichaamsconditie en normale functie van huid en vacht.

Een goede beoordeling begint daarom niet bij één populair supplement, maar bij het volledige rantsoen. Hoeveel en welk ruwvoer krijgt het paard? Past de energie bij de arbeid en lichaamsconditie? Welke vitaminen, mineralen, kruiden en andere supplementen worden gecombineerd?

Gras en zomereczeem

Wanneer een paard na overgang naar een andere weide meer gaat schuren, wordt het gras vaak als oorzaak gezien. Op die nieuwe weide veranderen echter veel dingen tegelijk. Er kunnen meer knutten zijn, minder wind, meer vocht en andere buitentijden. Ook beweging en bescherming kunnen veranderen.

Suiker

Een rantsoen met veel suiker en zetmeel kan zorgen voor sterke schommelingen in glucose en insuline en kan bij gevoelige paarden bijdragen aan insulinedysregulatie en overgewicht. Vetweefsel is bovendien niet alleen een opslagplaats voor energie: het produceert ook signaalstoffen die betrokken zijn bij ontstekingsprocessen.

Daarom is het bij een paard met zomereczeem verstandig om niet alleen naar de huid en de knutten te kijken, maar ook naar het totale rantsoen, lichaamsgewicht en de stofwisseling.

Minder suiker geneest zomereczeem niet, maar het vermijden van een onnodig suikerrijk rantsoen kan wel onderdeel zijn van een gezonde, ondersteunende aanpak.

Eiwit en luzerne

Ook eiwit en luzerne worden regelmatig met jeuk in verband gebracht. Een individuele reactie kan nooit uitsluitend op afstand worden uitgesloten, maar er bestaat geen algemene regel dat een eiwitrijk rantsoen of luzerne SME veroorzaakt.

Wie een voedingsmiddel wil beoordelen, kan het rantsoen het beste gecontroleerd en bij voorkeur één verandering tegelijk aanpassen. Tegelijk moet de insectenbelasting worden gevolgd.

Omega 3 en lijnzaad

Omega 3-vetzuren zijn interessant vanwege hun rol in biologische ontstekingsprocessen. Dat maakt lijnzaad en lijnzaadolie populaire onderwerpen bij huidgevoeligheid.

Het beschikbare onderzoek is niet sterk genoeg om omega 3 als zelfstandige behandeling van sweet itch te presenteren. Binnen een passend rantsoen kunnen deze ingrediënten wel een gewone voedingskundige plaats hebben.

Kruiden en fytotherapie

Fytotherapie is het zorgvuldig gebruiken van planten en plantenextracten. Binnen de natuurlijke paardenverzorging bestaat veel traditionele kennis over kruiden. Daarnaast hebben eigenaren, dierenartsen en fytotherapeuten praktijkervaring met individuele paarden.

Traditioneel gebruik, praktijkervaring en klinisch onderzoek zijn verschillende soorten informatie. Een positieve ervaring kan waardevol zijn, maar voorspelt niet automatisch wat bij ieder ander paard gebeurt.

Omdat planten actieve stoffen bevatten, verdienen dosering, kwaliteit, dracht, medicijngebruik en wedstrijdregels aandacht. Een ervaren fytotherapeut kan aanvullende kennis bieden, maar veranderingen bij een ziek paard horen met de behandelend dierenarts te worden afgestemd.

Probiotica en darmflora

Darmen en afweersysteem staan biologisch met elkaar in verbinding. Dat bewijst niet dat ieder probioticum de allergie voor knuttenbeten vermindert. Effecten van probiotica zijn afhankelijk van de gebruikte micro-organismen, dosering en het individuele paard.

Veelgestelde vraag: wat is het beste voer voor een paard met zomereczeem?

Er bestaat geen universeel eczeemvoer. Het meest passende rantsoen is afgestemd op ruwvoer, lichaamsconditie, arbeid en eventuele andere gezondheidsproblemen.

Aanvullende diervoeders mogen niet als middelen worden gepresenteerd die een ziekte behandelen, genezen of voorkomen.